Terug naar het keuzemenu van de pausen

Julius I

De Romeinen waren zo gewoon geraakt aan de zwakke leiding van de bisschoppen Silvester en Marcus, dat het niet echt opviel dat de stoel van Petrus enige maanden onbezet bleef. Maar op 6 februari 337, met de verkiezing van Julius I, zou dit veranderen. De dood van de keizer, op 22 mei, gaf hem extra armslag om op de voorgrond te treden en hij liet de gelegenheid niet voorbijgaan. Athanasius, bisschop van Alexandri, was met zijn probleem naar de keizer gestapt, maar Julius zwaaide meteen met het decreet van Constantijn dat kerkelijke conflicten naar kerkelijke tribunalen verwees. Hij ging zelfs iets verder en eigende zich het recht toe om alle aanklagers, die niet akkoord gingen met de arresten van regionale synoden, in beroep te willen horen.

Zo kwam de zaak Athanasius opnieuw voor. Na een korte verbanning naar Trier had hij zijn bisschopszetel teruggekregen, maar werd in 339 weer afgezet. De arianen wilden zelfs dat Julius I de verkiezing van zijn rivaal, Pistos, bekrachtigde. De bisschop van Rome koos echter partij voor zijn collega uit Alexandri en gaf iedereen die Athanasius had helpen veroordelen, een flinke bolwassing omdat ze de bisschop van Rome niet vooraf hadden geraadpleegd 'zoals de aloude traditie het eiste'.

Dit beroep op de Romeinse prerogatieven deed heel wat Oosterse bisschoppen zo steigeren dat Julius I ermee instemde dat in Serdica (Sofia) een synode de kwestie opnieuw zou onderzoeken. De synode bekrachtigde de eerste veroordeling van Athanasius en sprak tevens de banvloek uit over de bisschop van Rome. Athanasius was zo verstandig uit eigen beweging uit te wijken naar Zuid-Galli: zo konden de gemoederen tot rust komen.

Het is opvallend hoeveel moeite de Oosterse bisschoppen hadden met het erkennen van welke Romeinse suprematie ook. 'Wat bezielt het Westen om Oosterse beslissingen te betwisten ?' schreven ze aan Julius. 'Het Oosten bemoeide zich toch evenmin met de Romeinse? Rome moet ook zo handelen, als het een breuk wil vermijden!'

In 346, toen alles goed en wel bekoeld was, kwam Athanasius zijn zetel opnieuw bezetten. Julius I stierf op 12 april 352. Noteer dat Julius I de eerste bisschop van Rome was aan wie de titel van 'paus' (papa) werd toegekend. Eerder toevallig en dan nog uitgerekend in brieven van die bisschoppen die de Romeinse suprematie verwierpen. Deze titel was onbekend in het Westen maar heel gewoon voor de bisschoppen in het Oosten. Er lag immers geen enkel prerogatief in vervat. Door Julius de titel papa te geven, deden de Oosterse bisschoppen niet meer dan hun collegialiteit met Julius I benadrukken. Vanaf Julius kwam die titel meer en meer in voege bij de Westerse bisschoppen, maar vanaf 384 (paus Siricius) werd hij nog alleen toegekend aan de bisschop van Rome. Papa werd uitgelegd als een letterwoord: Petri apostoli pontificatum accipiens...

Terug naar het keuzemenu van de pausen