Terug naar het keuzemenu van de pausen

BENEDICTUS XIV

'Willen jullie een heilige ? Kies dan Gotti. Willen jullie een politicus ? Neem dan Aldobrandini. Willen jullie alleen maar een moedig man, neem mij dan!' Deze grap maakte een eind aan het langste conclaaf van de voorbije eeuwen. Reeds een half jaar bleven de Fransen en de Oostenrijkers enerzijds en de Spanjaarden, Napolitanen en Toscanen anderzijds bij hun standpunt en niets wees erop dat een van hen enige toegeving zou doen aan de ander. Ten einde raad bleef er niet veel meer te doen dan te vertrouwen op de woorden van Prospero Lambertini.

Hij werd unaniem verkozen. De Kerk zou nog meer dan twee eeuwen geduld moeten oefenen om nog zo'n Benedictus XIV te vinden. Alleen Johannes XXIII bleek achteraf een even menselijke, geliefde maar ook even realistische paus voor de noden van zijn tijd. Het feit dat Voltaire een werk aan Benedictus XIV opdroeg en dat de anglicanen een standbeeld lieten bouwen met het opschrift 'aan de beste paus aller tijden', zegt veel over de impact van deze paus. Hij had begrepen dat hij die verkondigde 'God schept de mens', zelf 'mens' moest blijven en niet God moest willen zijn.

Mens blijven, dat was voor paus Lambertini het beste bewijs van zijn intelligentie. Hij werd geboren in Bologna op 31 mei 1675, was jurist en theoloog en had zijn literaire kennis van Dante, Tasso en Ariosto. Zijn kennis stond zijn gezond verstand niet in de weg en zijn succesvolle loopbaan - aartsbisschop van Ancona in 1727, kardinaal in 1728, aartsbisschop van Bologna in 1731 - maakte van hem geen afstandelijk mens. Ook als paus begaf hij zich blootsvoets tussen het volk in de straten van Rome, zoals de nederigste van de 'monsignori'.

Hooggeleerd en ijverig als hij was, publiceerde hij verschillende werken over het kerkrecht. Daarnaast voerde hij een aantal hervormingen door in de liturgie en in de sacramenten van de biecht en het huwelijk. Het was ook hij die als eerste het huwelijk tussen protestanten en katholieken erkende.

Benedictus XIV was allerminst bevooroordeeld en kon dus zonder aarzelen twee vrouwen een leerstoel aan de universiteit toevertrouwen, een faculteit chirurgie en een museum over anatomie oprichten. Omdat volgens hem iedereen het recht op vrije meningsuiting bezat, raadde hij de censuurambtenaren aan, alleen nog met de grootste terughoudendheid een werk op de zwarte lijst te plaatsen.

Urbanus VII had het aantal wettelijke feestdagen voor de christenen op 36 gebracht. Samen met de 52 zondagen van het jaar maakte dat 88 dagen waarop men niet mocht werken, wat overeenkwam met een dag op vier. Benedictus XIV had begrip voor de bezwaren van de overheden die zich zorgen maakten over de toestand van de economie en trof meer aanvaardbare regelingen.

Hij beperkte eveneens de heiligverklaringen. Het was immers zijn taak de vroomheid van het volk binnen de perken van het gezond verstand te houden en de lijn te trekken tussen geloof en goedgelovigheid.

Zijn opvatting over het pausdom was voor die tijd opmerkelijk baanbrekend. 'De paus kan het zonder zwaarden stellen', bevestigde hij. De pausen stelden zich te veel op als soevereinen en meenden het recht te hebben de vorsten te domineren. Dat was volgens Benedictus precies de reden waarom hun aanzien in het gedrang kwam. 'Ik ben meer paus dan soeverein', verkondigde hij, 'zoals ik ook meer mens ben dan heerser.'

Hij zag het gevaar in wanneer de Kerk zich al te onverdraagzaam zou opstellen in een onomkeerbaar laïciserende wereld. Zijn beslissingen waren ongetwijfeld niet allemaal even positief. Zo wantrouwde hij de jezuïeten: hun overdreven invloed in de vorstenhuizen, de intriges van enkelen onder hen en hun handelsactiviteiten stelden hen in een negatief daglicht. Daardoor zou hij enkele betreurenswaardige maatregelen treffen: de afschaffing van de 'Reduccion van Paraguay' en het definitieve verbod op de heidense cultusgebruiken van de Chinezen en de Malabaren bijvoorbeeld.

Ook had hij een betere keuze kunnen doen dan zijn vertrouwen te stellen in kardinaal Tencin, die zich de les liet lezen door zijn zuster. Zij was een vrouw van eerder lichte zeden, die wel een beroemde zoon zou hebben, de encyclopedist d' Alembert.

Benedictus XIV verfraaide Rome. De huidige gevel van de Santa Maria Maggiore is aan hem te danken. Hij verklaarde het Colosseum tot een heilige plaats, geheiligd door het bloed van de martelaars. Hij ontkende niet dat deze daad, historisch gezien, voor kritiek vatbaar was, maar hij zag geen andere mogelijkheid om de Romeinen ervan te weerhouden het uit te buiten als een doodgewone steengroeve.

Benedictus XIV overleed op 3 mei 1758. De Romeinen zouden hun 'Papa Lambertini' nooit vergeten. Hij werd het hoofdpersonage in een aantal toneelstukken en later zelfs in een bioscoopfilm. Het conclaaf dat op 15 mei 1758 begon, had kort kunnen zijn: er was geen enkel verzet tegen de kardinalen die Oostenrijk, Frankrijk, Spanje, Portugal en de andere katholieke Staten vertegenwoordigden. Ze waren het er roerend over eens dat ze een 'neutrale' paus nodig hadden die in de voetsporen van de aardige Gregorius XIV kon treden. Toch struikelde men in elke stemronde over een punt: het jezuïetenprobleem. Men wou niet weten van een paus die zich zou verzetten tegen hun verdrukking. Na 50 dagen koos men op 26 juli 1758 uiteindelijk kardinaal Carlo Rezzonico, van wie men wel de sympathieën voor de Sociëteit van Jezus kende, maar van wie het gebrek aan persoonlijkheid weinig problemen in dat verband liet vermoeden. Hij werd Clemens XIII.

Terug naar het keuzemenu van de pausen