Terug naar de inhoudsopgaaf

POMPEI, HERCULANEUM EN OPLONTIS

2. DE VESUVIUS WERKT, ANNIS 62 EN 79 / HET OOGGETUIGENVERSLAG VAN PLINIUS

B. DE UITBARSTING

Half augustus 79 na Christus kon men de eerst onrustbarende tekens bespeuren: rook steeg op uit de flanken van de Vesuvius; dof gerommel was hoorbaar; overal vormden zich kloven en scheuren in de bodem; bronnen en putten kwamen droog te staan. En op 24 augustus, rond een uur 's middags, spleet plots, met een vreselijke donderslag, de top van de berg uiteen...

Een gigantische paddestoelwolk, bestaande uit as en lapilli (puimsteentjes), werd tot 26 km hoog de lucht ingeblazen; zwaar giftige gassen ontsnapten en gans dit inferno werd door de wind in de richting van Pompei gedreven.

In de loop van de namiddag stroomden Pompejaanse vluchtelingen - met ijzingwekkende en bloedstollende verhalen over wat er in hun stad gebeurde - door Herculaneum, op weg naar Napels. Uit angst dat een mogelijke verandering van windrichting in Herculaneum een soortgelijke ramp zou veroorzaken, sloten enkele inwoners van Herculaneum zich aan bij de trek naar het noorden.

De avond viel maar de eruptie duurde voort en werd nog onheilspellender door de brandende gassen die uit de krater spoten. Bij het zien daarvan werden veel inwoners doodsbang en haastten zich naar het strand, met de bedoeling om langs de kustweg of per boot te vluchten als de toestand verergerde. Sommigen van hen vonden een schuilplaats onder de stenen bogen die de muren en gebouwen op de steile oever aan de zeezijde ondersteunden.

Op 25 augustus, kort na middernacht, brak plotseling de torenhoge kolom, die uit de krater opsteeg, af. Vol afschuw zagen de inwoners van Herculaneum een vurige lawine - in het jargon van de vulcanologen heet dit een "pyroclastische golf" - bestaande uit lava, as en puimstenen, met lucht en giftige gassen vermengd, aan een snelheid van 90 km per uur naar hun stad schuiven; de temperatuur van die massa bedroeg naar schatting 400 Celsius...

De inwoners van Herculaneum die nog in de stad waren, holden naar het strand; de vurige massa stroomde over de hele stad en het strand, alles en iedereen op zijn weg verschroeiend.

Toen de Vesuvius, na negentien uur, eindelijk tot rust was gekomen, was Herculaneum bedolven onder een laag van 12 m zwarte tefra die de hele kustlijn een halve kilometer had verplaatst.

Terug naar de inhoudsopgaaf