Uit LIBER QUARTUS DECIMUS

Van de stichting van Rome tot de apotheosis van Romulus en Hersilia 

Na Proca heerste Amulius met brute legerkracht in het Ausonische rijk. Toen kreeg de oude Numitor de macht terug dankzij zijn kleinzoon. Op het feest van Pales werd Rome’s stad gesticht. Daarop volgde een oorlog met de Sabijnen en Tatius. Tarpeia, die de weg naar het Capitool verraden had, vond een verdiende dood onder de schilden van de Sabijnen.

Er ontstaat een nieuwe zwavelbron bij de poorten van Rome

Opnieuw slopen er zonen van Sabijnen, als stille wolven, onhoorbaar naar de stadspoort die door Romulus met grendels goed was afgesloten om daar de slapende stad te overvallen. Toch was er een poort weer ontgrendeld, zonder scharnier- of deurgeknars, en dit had Juno geklaard. De enige die iets gemerkt had van de open poort was Venus, en zij zou ze graag gesloten hebben, maar een god mag nooit iets veranderen aan wat andere goden hebben verricht…

Dus riep zij de hulp in van nimfen, de Ausonische Najaden, die een koele bron dicht bij de Januspoort bewonen. Ze gingen in op het verzoek van de godin: ze deden fonteinen uit al hun waterbronnen stromen maar de toegang van Janus’ poort bleef nog altijd open. Daarom vulden zij hun rijke bron met vuilgeel zwavel en maakten met rokend pek de holle aderen warm. Door dit soort krachten lieten ze hete dampen werken diep onder de grond, zodat hun bron , die eerst zo koud was als een Alpenbeek, nu zelfs niet voor de hitte van vuur moest onderdoen. De houten deuren rookten door de hete dampen. Juno had dan toch voor niets de poort geopend voor die stugge Sabijnen, want de nieuwe bron beschermt de stad van Mars zolang men niet paraat is. Toen Romulus als eerste een uitval had gedaan, toen Rome’s bodem bezaaid lag met lijken van Sabijnen en Romeinen en toen het bloed van vaders en echtgenoten door het boze zwaard vermengd was, wilde men de strijd toch staken. Liever vrede dan alleen maar vechten, en aan Tatius werd koninklijke macht verleend.

De hemelvaart van Romulus, Rome’s eerste koning

Na Tatius’ regering kwam Romulus aan de macht en die bestuurde beide volken volgens dezelfde wetten. Toen sprak Mars tot de oppergod van aarde en hemel: "Vader! Het uur heeft geslagen, Rome heeft zich gegrondvest en laat zich door een leider besturen. Vervul nu uw beloften waar uw kleinzoon recht op heeft door hem op te nemen in de hemel. U hebt me tijdens een zitting van de godenraad, ik herinner het me nog alsof het gisteren was, beloofd een van je zonen te begeleiden naar de godenwoning. Laat die uitspraak nu in vervulling gaan." De opperheerser knikte.

Toen werd de lucht bedekt door een duister wolkendek en de aarde werd opgeschrikt door donder en bliksem. Mars begreep dat dit het teken was tot de beloofde hemelvaart. Hij besteeg zijn wagen en zonder vrees zweepte hij de paarden op. Hij gleed steil omlaag de lucht door en landde boven op de met bomen begroeide Palatijn. Daar velde Romulus als rechter vonnissen voor het volk. Plots werd Romulus, tijdens een vonnis, opgetild en zijn lichaam verdween als een afgeschoten kogel in de ijle lucht. Toen verscheen een stralend hoofd, de beeltenis van Quirinus, in koningskleed.

Romulus’ vrouw, Hersilia, wordt in de hemel opgenomen

Hersilia, Romulus’ echtgenote, beweende haar man... Toen gaf Juno Iris de opdracht van haar regenboog af te dalen om de weduwe de volgende boodschap te brengen: "Vrouw, vergiet geen tranen meer, jij die zo’n edel sieraad bent van Latium en het Sabijnse volk. Jij, die met eer Romulus’ eerste echtgenote was, bent nu die van Quirinus. Als je je echtgenoot wilt weerzien, leid ik je tot aan het bos dat met zijn loof het heiligdom van Rome’s vorst beschaduwt op Quirinus’ heuvel."

Hersilia durfde uit ontzag nauwelijks haar blik opslaan maar zei: " Godin, ik weet geen naam om je aan te spreken, maar ik weet zeker dat je een godin bent, leid me. Leid me naar de plek waar ik mijn man kan zien. O, als ik dit nog eenmaal beleven mag, voel ik me als het ware in de hemel. Toen beklom Hersilia, geleid door Iris, Romulus’ heuvel. Daar daalde plots vanuit de lucht een ster op de aarde neer. De ster gaf Hersilia een lichtkrans van stralend haar en tilde haar hoog in de hemel. Hersilia werd er ontvangen in de armen van haar Romulus. Hij veranderde haar naam en noemde haar Hora en ze is nu de godin naast Quirinus.