Uit LIBER SECUNDUS
 

Hannah Pector

3 LaWi

1996-1997
 

Callisto

Jupiter en Callisto

Toen Jupiter druk doende was met zijn inspectietocht na de desastreuze rit van Phaëthon in de zonnewagen, ontmoette hij in Nonacris een wondermooi meisje, en onmiddellijk stond hij in vuur en vlam...

Callisto was de dochter van Lycaon, die door Jupiter in een wolf was veranderd. Callisto hield er niet van zich urenlang op te maken en te bestuderen in de spiegel. Ze hield evenmin van spinnen, maar wel van jagen, en ze trok graag aan de zijde van Diana door het Maenalus-gebergte. Haar sierlijkheid, zuiverheid en atletische bouw bekoorden Diana in hoge mate, maar voorkeur kan verkeren...

De dag die haar leven voorgoed zou veranderen, begon heel gewoon. Na een jachtpartij had Callisto zich uitgeput op de met gras bedekte grond laten vallen. Ze genoot van de koelte en staarde dromerig naar de blauwe hemel. Verscholen achter een boom sloeg Jupiter het tafereel gade. Omdat de verleiding zo groot was, besloot hij dat hij deze kans toch niet mocht laten liggen. "Hier zal mijn vrouw niets van weten, en als ze er iets van te weten komt, dan is het pleziertje dat ik ga beleven zeker een ruzie waard!", dacht Jupiter.

In de gedaante van Diana ging hij naar het meisje toe. Hij kuste Callisto, die zich natuurlijk van geen kwaad bewust was; maar toen ze de gloed in zijn ogen zag, besefte ze dat er meer in het spel was. Ze verzette zich met heel haar lichaam tegen Jupiter (als Juno dat maar had gezien!), maar ze moest zich uiteindelijk toch overgeven aan de lusten van de oppergod. Wat kan een eenvoudige nimf immers beginnen tegen Jupiter?

Nadat Jupiter vertrokken was, bleef Callisto achter, ontmaagd en gekwetst tot in het diepst van haar ziel. Ze vluchtte weg en liet haar boog en pijlen liggen.
 

Callisto wordt door Diana verstoten

Na een tijdje kwam Diana, omringd door de andere nimfen, opdagen en ze riep Callisto. Die hield zich aanvankelijk schuil in het struikgewas omdat ze vreesde dat het ook deze keer een list was van Jupiter. Toen ze evenwel zag dat Diana omringd was door een schare nimfen, liep ze hen, toch wat onzekerder dan voorheen, tegemoet. Hoe graag wou ze praten over wat haar overkomen was... Maar wie zou haar begrijpen? Diana begreep dat soort dingen niet. Bij haar kon ze haar verdriet, woede, machteloosheid, schaamte en afkeer niet kwijt.

Er waren al vele maanden voorbijgegaan. Op een dag stelde Diana voor om te baden in een meertje, en Callisto probeerde zich blozend op de achtergrond te houden. Dat lukte haar een beetje tot enkele nimfen speels haar kleed afrukten. Ze bedekte haar onderbuik waar de vorm van het kind van de oppergod (die ze zo haatte) zichtbaar werd, maar Diana had alles gezien. Ze verbood Callisto nog ooit terug te keren en joeg haar weg. Eenzamer dan ooit liep Callisto het bos in. Nu was ze alles kwijt, haar maagdelijkheid, haar waardigheid en haar vrienden.
 

Wraak van Juno op Callisto

Juno, de echtgenote van Jupiter, had gezien dat haar echtgenoot het weer niet had kunnen laten zijn genot te zoeken bij jonge meisjes (ze had echter niet gezien hoe Callisto zich verzet had). Haar haat groeide met de dag en had z'n hoogtepunt bereikt op de dag dat Callisto's zoon, Arcas, geboren werd.

Een nieuwe bastaard! Het ogenblik dat ze haar woede zou koelen, brak aan. Vervuld van wraak daalde ze af naar de bossen waar Callisto rondzwierf. Nadat Juno zich kenbaar had gemaakt, stootte ze Callisto ziedend omver. Ze projecteerde al haar woede op het meisje dat wanhopig en huilend haar armen ten hemel hief om hulp af te smeken. Maar Jupiter was blijkbaar met andere zaken bezig en kwam Callisto niet te hulp...

Callisto's nagels kromden zich; langzaam werden haar armen en haar lichaam (dat Jupiter zo bekoord had) bedekt met een bruine, harige vacht, haar lippen en mond (die Jupiter zo hartstochtelijk had gekust) werden een muil met stevige kaken, haar treurige, klagende stem veranderde in een jammerlijk gehuil. In haar nieuwe, vreemde berenlijf bleef alleen het hart van een meisje over dat te vroeg vrouw had moeten worden.

De bossen leken Callisto nog donkerder en dreigender dan voordien. Ze was doodsbang voor beren hoewel ze er nu zelf een was. 's Nachts kon ze de slaap niet vatten omdat ze steeds angstig luisterde naar de angstaanjagende geluiden van de nacht. Overdag werd ze over bergen en door bossen gejaagd door jageressen - van wie ze ooit zelf een was. Rusteloos en ongedurig zwierf ze rond, want overal loerde het gevaar en nergens voelde ze veilig. Het feit dat haar lot Jupiter koud liet, kwetste haar nog meer.

Zo ging het zestien jaren, tot op een dag haar zoon Arcas voor haar stond, geheel in jachtuitrusting, met pijl en boog op haar gericht. Als versteend staarde ze hem aan, ze kon haar ogen niet van hem afhouden. Arcas werd bang van het dier dat dwars door hem heen scheen te kijken en maakte aanstalten om zijn eigen moeder te doden.

Juist op dat moment greep Jupiter in. Hij tilde Callisto en Arcas op en gaf ze beiden een plaats aan de sterrenhemel, hoog boven de mensenhoofden. Nu staan ze nog altijd aan de hemel als de Grote Beer.
 

Juno is nog niet tevreden

Juno zag dat alles met lede ogen aan. Ze kon niet begrijpen dat Jupiter een slet als Callisto boven alle stervelingen verhief terwijl zij stond toe te kijken. Vernederd en barstend van nijd ging ze naar de diepten van de Oceaan waar Oceanus en Tethys, een oud godenpaar, woonden.

Toen ze haar vroegen wat haar zo diep in de Oceaan bracht, antwoordde Juno: "Een tweede vrouw heerst aan de hemel", en woedend voegde ze eraan toe: "Wat heb ik nog te betekenen? Men doet mijn vloek teniet! Als ik die del verbied nog langer door het leven te gaan als mens, maakt men er een godin van. Wat betekent mijn wraak dan nog? Ik smeek jullie, ban deze sterrenbeelden uit de zee, zorg ervoor dat ze nooit kunnen ondergaan in de Oceaan. Dit water is veel te puur om zo'n sloerie in te laten baden."

Het godenpaar willigde Juno's wens in. Daarna schoot Juno met haar kleurrijk pauwenspan (sinds kort zo kleurrijk door de ogen van Argus!) tevreden op uit het water dat hoog opspoot.