Terug naar "I, Claudius: historische achtergrond"

Messalina

Valeria Messalina (ca. 25-48), achterkleindochter van keizer Augustus' zuster Octavia (minor), was sedert 39 of 40 de derde gemalin van haar veeloudere neef keizer Claudius (8), aan wie zij twee kinderen schonk, Octavia en Britannicus.

Messalina, een vrouw van grove zinnelijkheid, onderhield ook met talrijke andere mannen intieme betrekkingen; hoogtepunt was wel het formele huwelijk dat ze tijdens een afwezigheid van de keizer sloot met Gaius Silius (48). Velen vielen ten offer aan de hebzucht van de gewetenloze intrigante. Ook in de verbanning van Seneca had vooral Messalina de hand. Haar bigamie bracht echter vrijgelatenen als Narcissus en Pallas tot actie. Dit werd haar noodlottig.

De ongelovig-verblufte Claudius liet hun een dag de vrije hand. Na haar terechtstelling werd de damnatio memoriae over Messalina uitgesproken.

Het portret van Messalina kennen we onder meer van een sardonyx in de Bibliothèque Nationale van Parijs.

Terug naar "I, Claudius: historische achtergrond"